De vioolles

Het Begin

 Een leidraad in alle lessen is de muzikale voorstelling, nadruk ligt op een beleving van de muziek. Vanaf het allereerste begin speelt een leerling al liedjes op zijn viool.De vier snaren van de viool lenen zich goed voor tweetonige liedjes die de leerling leert zingen en tokkelen, bijvoorbeeld 'alle dikke beren brommen' en al samenspelen in 'au clair de lune' . Samen met de piano klinken de liedjes gelijk heel mooi. In de eerste les maakt de leerling kennis met de viool, zijn bouw en hoe je hem goed verzorgt. Er is wat instructie over de manier van oefenen thuis. Een goede viool- en stokhouding is vanaf het allereerste begin belangrijk: die bevordert de speelvaardigheid. De juiste strijk- en linkerhandbewegingen worden met allerlei leuke oefeningen aangeleerd.  Al snel komt het opzetten van de vingers op de snaren aan bod en dan kan de leerling al heel veel bekende liedjes spelen, zoals 'Hoedje van papier', 'Kortjakje', 'Heb je wel gehoord van de zeven' en allerlei canons zoals 'Row your boat'.

the good frog

Na een paar lessen kan worden gestreken met de strijkstok, bijvoorbeeld in het liedje “de locomotief”. Het noten lezen komt wat later aan bod.  De getokkelde liedjes van het allereerste begin vindt de leerling dan terug in notenschrift. Leerlingen blijken dan meestal met noten lezen dan geen moeite te hebben. 

Tatum

 

 Natuurlijke manier van spelen.

Een goede houding en ontspannen techniek geven een leerling alle mogelijkheid om expressief te spelen. Ontspannen spelen wil zeggen dat het ingespannen spelen als je geconcentreerd bent met het aanspannen van spieren, altijd wordt afgewisseld met ontspanning en het openen van de lichaamshouding. 'Twee voeten gegrond op de vloer en hoofd in de wolken' is de gevleugelde uitdrukking voor een juiste vioolhouding met enthousiast spel.

Jonge Leerling

Het vervolg

De leerling verwerft steeds meer vaardigheden. Eerst wordt een techniek aangeleerd en vervolgens geconsolideerd. De leerling leert in alle verschillende toonsoorten leren spelen. De streeksoorten détaché, legato, martelé, accoorden, spiccato, sautillé en staccato. Voor de linkerhand positiespel, vibrato, dubbelgrepen en het aanscherpen van de zuiverheid. Deze technieken komen in steeds meer combinaties voor. Dit alles aan de hand van methodes, etudes en mooie stukken. Na enige jaren is de leerling in staat zelf zijn viool te stemmen. Al snel speelt de muzikale voorkeur van de leerling een rol. Kees is een klassieke violist en in beginsel is zijn vioolles gericht op klassieke muziek. Hij staat open voor alle soorten muziek en stijlen en heeft ervaring met volksmuziek en popmuziek. Op dit moment volgt hij samen met zeven andere strijkinstrumentdocenten een cursus improvisatie bij jazzviollist Michael Gustdorff.

Uitvoering Oosterbeek 15 januari 2015:

(Beethoven vioolsonate 5 deel 1)

Leerling Susanna is in september 2016 aangenomen op het conservatorium.


 

Oefenen 

In de eerste weken oefent de leerling  kort. Na ongeveer zes lessen is het belangrijk elke dag te spelen en een regelmaat in het oefenen te vinden. Bij jonge kinderen spelen de ouders een rol met helpen, en helpen herinneren zo nu en dan. Gemiddeld genomen vanaf 10 jaar kan een leerling er zelf verantwoordelijkheid voor nemen. Voor de gevorderden geld dat ik  de eigen creatieve inbreng van de leerling in fantasie, eigen repertoirekeuze, improvisatie en  zelf muziek schrijven belangrijk vind. 

Vincent 3

Leerproces

Het eigen maken van de techniek van het vioolspelen en nieuwe stukken vergt energie. In de 'verover'tijd is de leerling vaak op het eigen instrument en het eigen vioolspelen, het oplossen van eventuele problemen gericht. Maar na verloop van tijd worden techniek en muziek eigen en ontstaat er ruimte om aandacht te geven aan het samenspelen van het stuk met anderen.

 

 

Vincent 1

 

 Repetitie met leerling Naut en pianist Jasper op een concert van Vivaldi voor een uitvoering in zomer 2016. 

 
 
 

Repetitie met leerling Naut en pianist Jasper op een concert van Vivaldi voor een uitvoering in zomer 2016.

Wat je kan is leuk en dan kan je niet stoppen met spelen. Als je iets nog niet kan vraagt het soms inspanning en doorzettingsvermogen om het nieuwe eigen te maken.

 

Cees Eerkens

Doel van de lessen 

Uiteindelijk gaat de leerling zelfstandig zijn eigen muzikale weg. Hij kan zijn eigen muziek kiezen en de muzikale en viooltechnische problemen zelf oplossen. Hopelijk blijft hij spelen en vormt de muziek een bron van geluk. 

Joshua Bell

 

 


 

 

 

Afdrukken